Geneuzel en gepiep ~ IngeborgBaumann.com

Zelfs onder de meest bizarre omstandigheden verzette ik me altijd tegen gemeenplaatsen, vooral geuit door ‘mensen die het kunnen weten’ of die alle zelfhulpboeken gesorteerd op kleur en grootte in de Billie kast hebben staan. Geflankeerd door Boeddha beeldjes die ze gekregen hebben. Als je ze zelf aanschaft in dat leuke spirituele winkeltje werken ze namelijk niet, zoals een beetje verlichte geest weet.

Maar langzamerhand begin ik te begrijpen wat ze bedoelen. Steeds vaker ook schrik ik wakker uit een nachtmerrie die niet wordt veroorzaakt door spinnen of geldzorgen. Dan sta ik in mijn prikkende wolletje aan een traphekje  hartverscheurend te huilen terwijl mama bij de buurvrouw is. Of ik krijg de opdracht papa uit de kroeg op de hoek te halen, wat mislukt. Ook komt het wel eens voor dat ik een flits krijg van de kostganger van mijn oma die aan mijn bed staat. Gemeen grijnzend met een volle pispot in zijn handen. Ik bedoel maar.

Er was weinig veiligheid en knussigheid in mijn jonge leventje. Maar dat weet je niet als klein meisje. Vooral niet als je uit een milieu komt waar decorum hoog op het lijstje staat. En laten we wel wezen, materieel gezien ontbrak het me aan niets. En toch. Als nu iemand tegen me zegt: ‘Ing, is het niet zo dat je gedrag en je angsten en je opstandigheid voortkomt uit je jeugd?’ kap ik ze niet meer onmiddellijk smalend af. Ik vind het stiekem nog steeds geen excuus trouwens. Maar ik begin ernstig te twijfelen of ze niet gelijk hebben.

Zo heb ik mijn leven lang last van verlatingsangst. Die dan weer in verband staat met bindingsangst heb ik me laten vertellen door een niet zo heel erg neuzelende mevrouw. En dat snap ik niet zo goed. Bang dat ik niet leuk genoeg wordt gevonden en daardoor negatieve aandacht vragend, die begrijp ik. Dat doe ik namelijk gewoon. De twintig jaar van mijn huwelijk daargelaten. Dank daar voor lieve ex-echtgenoot. Ik probeer uit alle macht dat schema te doorbreken. Piep tegen mezelf alle gemeenplaatsen die ik kan bedenken. ‘’Je bent de moeite waard, je bent leuk, lief, lekker en hebt humor. Je mag er zijn.’’ Om vervolgens toch weer bevestiging te vragen. Niet altijd op de goede manier.

Maar die bindingsangst? Het is waar dat ik bij voorkeur verkeer met heren die nogal vrijgevochten zijn. Maar dat zegt niets lijkt me. Ik ken genoeg vrijgevochten mensen die er een hartstikke leuke relatie op na houden en daar heel gelukkig in zijn. En ik ben volkomen bereid om me te binden eigenlijk. Aan een leukerd dan, niet aan een eikel. De conclusie van dit betoog is moeilijk te trekken. Wat ik wel weet is dat je jeugd je inderdaad vormt, dat dat geen geneuzel en gepiep van wijsneusjes is. Hetgeen de volgende gemeenplaats dat weer opwerpt. Dat je moet leven in het NU en zo. Ik loop ernstig achter in deze materie. Kan iemand me een Boeddha cadeau doen?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *