Godvergeten chaos ~ IngeborgBaumann.com

Er was een tijd dat ik rond verwachte thuiskomst van de vader van mijn kinderen mijn, met de nadruk op mijn, stoel bezette en daar slechts met moeite uit te tremmen was. Reden was dat de man een halo van chaos rond zijn hoofd had hangen. Bij binnenkomst klapte de deur uit zijn voegen, met zijn jas mieterde hij en passant een vaas omver en het is maar goed dat ik nooit van snuisterijtjes heb gehouden. Ik kon daar slecht tegen. Ik creëerde mijn eigen baarmoeder van rust in die ene stoel. Ordnung muss sein! Anders word ik nog lijper dan ik al ben.

Toen ik boven de kroeg woonde was er geen orde in de chaos te scheppen. Er wasemde zo’n immense onrust naar boven dat die bijna tastbaar was. Ik verbleef op een matras in een klein kamertje wat dicht kon met mijn boeken en mijn kleren. Ik vluchtte en woonde daarna op een nog kleiner kamertje en later in een garage. Maar ik werd gek van gebrek aan levensruimte en, ik ben daar eerlijk in, gezelschap. En dan heb ik het niet over visite maar gewoon, iemand die ook thuis komt en dat je dan niet de hele avond moet gaan zitten lullen maar gewoon ruzie kan maken over de afstandsbediening.

Dus toen de man der mannen voorstelde om huisgenoten te worden was er geen haar op mijn hoofd die twijfelde. Ik vind hem leuk en lief en lekker. Nu ik een paar maanden verder ben ken ik zijn kuren en humeurtjes en hij de mijne en zie ik dat hij nog steeds de man der mannen is maar dat er geen perfecte exemplaren bestaan. Zoals hij nu ook weet dat ik aandacht verslaafd, verlatingsangstig en onzeker ben. Dat ik tot op het krankzinnige aan toe in het bezit ben van kleren, schoenen en andere wereldse zaken. En dat ik niet tegen chaos kan.

Dat laatste is even een puntje. De man der mannen heeft namelijk een ex. Die daar tot voor zeer kort ook woonde want we zijn allemaal heel leuk voor elkaar. Die ex heeft met spullen wat ik met kleding heb. Van alles veel. En dat staat hier allemaal. We kunnen elkaar niets verwijten want beide afwijkingen zijn evident. Gruwelijk voor haar, ik weet dat want ik raak in paniek als ik zeg maar een riem kwijt ben of een lippenstift,  is dat ik orde probeer te brengen in haar chaos maar ze slikt het als een kerel. Aan de andere kant helpt ze mij een plekje te veroveren voor zowel mijn kleding als mijzelf hier in dit huis. Het is een soort therapie. Ik pak ettelijke waxinelichtjes, wit broderie beddengoed en kittige gebruiksvoorwerpen waarvan ik zeker weet dat ze nooit als zodanig gebruikt zullen worden in. Op mijn manier. En dat is rigoureus.  Het zijn haar spullen, verzameld in een bewogen leven. Zij rangschikt mijn kleding op kleur en identieke hangers. En door dit alles beweegt zich haar en mijn beste vriend. In die godvergeten chaos. Het is maar net hoe je het ondergaat. ,,Ing, heb jij die lampetkan gezien? Die andere.’’
,,Nee, maar ik ben verdomme een van mijn 8 zwarte jurkjes kwijt.’’

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *