Vintage rules: Ik ben een groentje ~ IngeborgBaumann.com

Ik doe het al vanaf mijn twaalfde. Of eigenlijk al veel eerder maar toen vond ik het nog niet fijn. Dat was via een tante die een dochter had een jaar ouder dan ik maar met donker haar. Dus het stond allemaal niet zo leuk en daar ben ik nogal gevoelig voor. Ik heb het over tweedehands kleding dragen. Toen een teken van armoe of zuinigheid maar nu onder allerlei noemers hartstikke hip.

Als er iemand bezig is met het zo aantrekkelijk mogelijk aankleden van het lijf ben ik het wel. Zelfs als ik thuis zit te tikken, behalve therapie tegenwoordig helaas ook dagbesteding zonder beloning, doe ik dat niet in een uitgezakte joggingbroek. Zelfs als ik mij op de bedbank vlij, behalve daar kan ik nergens zitten dus dat is al gauw, doe ik dat in een setje waar over is nagedacht.
Ik ben gek op designers en ontwerpers, luxe stoffen, geraffineerde snit en originaliteit. Een spijkerbroek draag ik wel maar daar gaat een half uur aan hoofdbrekens aan vooraf hoe zo’n standaard outfit net even kekker te maken.
Heb ik een date dan wordt het al snel een uur en ga ik iets leuks doen met pakweg mijn net zo aan kleding verslaafde dochter is het echt topsport, dat aankleden. Tel daar bij op dat ik dus in die garage woon. (Lees geen ruimte voor Ikea kast en in totaal de ruimte van de walk-in closet uit mijn vorige leven). Vermenigvuldig de uitkomst met het feit dat mijn inkomen varieert tussen nihil en twee keer niets en u snapt dat mijn leven nogal tobberig is. Komt goed allemaal, even bij het onderwerp blijven graag.

Ook in tijden van opperste welvaart winkelde ik bijna uitsluitend in tweedehandskledingzaken, kringloopwinkels en op rommelmarkten. Een Chaneljasje? Ik heb er een. Een kokerrok van de meester der kokerrokken Mugler? Check. Originele Borsalino hoed? Uiteraard. En jullie denken toch niet dat ik afhankelijk ben van H&M voor een Balmain? Daar heb ik een cocktailjurkje van dat het kwijl uit je mond doet lopen.
Allemaal voor een scheet en drie knikkers gekocht in het voor prijzig aangeschafte, gebruikte en wederom afgedankte kledingcircuit. Een hobby die trouwens de laatste jaren ergerniswekkend populair wordt in kringen die zich graag ‘modemeisjes’ noemen. En dan onder de noemer vintage of erger: retro. Dochter is zelfs bang dat de spoeling daardoor dunner wordt en ze heeft van mijn hobby haar beroep gemaakt dus dat zou inderdaad jammer zijn. Daar maak ik me niet zo heel veel zorgen om, er is altijd wel een hype die teruggrijpt naar de vorige eeuw. Mijn vraag is of de kwaliteit van de nu geproduceerde kleding een tweede eigenaar overleeft.

Het is nog niet eens zo heel lang geleden dat ik me realiseerde dat ik eigenlijk hartstikke een groentje ben. Op dit vlak dan. Het is natuurlijk helemaal milieubewust en groen en zo, deze meerdere levens van kleding. Ik blijk hip.
Noot: ik tik dit in een kasjmier zwarte coltrui, getipt door Elle, met een zijden shawl van Versace, gecompleteerd met een rood leren pantalon met flared pijpen en killer heels van Gucci. Dochter draagt vandaag bruin suède laarzen uit de jaren ’70, een riem van Moschino, ook een zwarte col en een klokrokje met precies de goede lengte volgens fashionbloggers.

En allebei zijn we dus zo groen als gras.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *