Ooit gehad? Vast wel. Vlinders in je buik. Ik heb ze ook gehad en ik heb ze weer. Maar de natuur is grillig en het blijkt dat je die vlinders ook hebt in soorten en maten en dat ze niet allemaal gerelateerd hoeven te zijn aan verliefdheid. In tegendeel zelfs.

Ik had ze na mijn ontsnapping uit een destructieve relatie heel lang niet. Op een gegeven moment ging ik wel bewust op zoek naar dat gevoel. Want ja, je bent een vrouw en hoe gewond ook, ik ben geen type voor een andere hobby. Ik hou van de aandacht, de lijven en datgene wat mannen nog meer kunnen bieden. Na een paar afspraakjes die absoluut niets anders in me teweeg brachten dan opperste verveling kwam in iemand tegen die alles in huis had wat me aantrekt, oppervlakkig wezen dat ik ben. Nu ben ik nogal gevoelig op sommige punten, nogal intuïtief. Waar ik ook goed in ben is het wegstoppen van die intuïtie. Dus de vlinders veranderden al snel in duivelse monsters die mijn binnenste verteerden in plaats van lichtheid te geven aan mijn bestaan. En dan ga je verliefdheid en angst door elkaar halen. Tenminste, dat doe ik dan. Dan verandert het luchtigjes fladderen in paniekachtig gebonk. Waarom reageert hij niet of raar? Wie is dat typetje dat voortdurend belt of appt met hem. Waarom kan hij niet afspreken en hoezo is hij druk? Waarmee? Het liep dan ook niet goed af, deze verliefdheid.

Al snel kwam de volgende. Verliefd willen worden, dat gevoel willen hebben, is ook een verslaving en hoewel ik er vele had en heb weten te bedwingen heb ik met deze nogal moeite. De man der mannen in mijn ogen. Toen. Vaak beschreven en zelfs lief gehad. Nog steeds geloof ik dat er geen kwaad bij zat, bij die man. Maar de man der mannen was het absoluut niet. Iemand die zich laat leven en manipuleren is geen kerel.

Ik begon te geloven dat dat hele vlindergedoe een farce is. Dat het gefladder in buiken verzonnen is door romantische zielen die totaal buiten alle werkelijkheden staan. Dus de eerste paar ontmoetingen met diegene die uiteindelijk dat orgaan dat het meest kwetsbaar is in zijn handen nam, mijn hart, waren leuk maar ik voelde er niet veel bij. Geen gefladder. Maar ook geen paniekerig gebonk. Geen mokers van wantrouwen, onrust, pijn en onzekerheid. Geen idee hoe hij het klaarspeelde maar langzaam, en achteraf best snel, veranderde dat. Waarschijnlijk een kwestie van doorzettingsvermogen van zijn kant en precies datgene doen wat juist was. Woorden namelijk doen me, ik heb te veel leugens moeten aanhoren, niet veel. Ik weet als geen ander dat woorden en zinnen iemand op het verkeerde been kunnen zetten. Dat is mijn vak.

Ik merk dus nu dat die vlinders wel degelijk bestaan en als ze van de goede soort zijn blijken het heerlijke wezens. Ze doen wonderlijke dingen met je hart en je ziel en zelfs je ego. Fladderen opgewonden op de juiste momenten en houden zich aan een streling van je binnenste als dat beter uitkomt. Goed gevoel.

 

2 thoughts on “Vlinders

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *