Het klikte meteen, een jaar of drie geleden op het voordek van je prachtige woonark. Kijkend over het kabbelende water kwam er van alles los, zowel bij jou als bij mij. Natuurlijk ken je elkaar dan nog niet, weet niets van elkaars gewoonten, karakter en insteek in het leven. Ik huurde een kamertje bij je en sloot me daar vaak in op.

Maar we waren ook heel veel samen, dat kan niet anders. Als ik als eerste opstond maakte ik je eerste kopje koffie en dat deed jij voor mij. Als we s ‘nachts niet konden slapen en dat was eigenlijk altijd, rookten we al pratend, soms klagend, soms vol hoop een sigaret of wat. Weer starend over het water dat altijd in beweging is en nooit rust kent. Altijd verder stroomt en nooit thuis is.

Natuurlijk hadden we wel onenigheid. Ik ergerde me aan jou en jij aan mij. Maar we hielpen elkaar ook en we hielden elkaar op de been. Juist doordat er afstand was konden we niet wegzakken in depressie of fout gedrag. Er was altijd iemand om rekening mee te houden. Altijd iemand om overleg mee te plegen, tegen aan te zaniken en ook grapjes mee te maken. Die anderen dan weer niet snapten en er jaloers op waren. De mensen snapten ons meestal helemaal niet.

Ik zag dat je moeite had. Vaak. Met alles. Variërend van een kapotte cv tot een kapotte relatie. En dat je je dan geen raad wist. Weer iets mislukt, weer gedoe, weer verdriet. Maar verder moest je, altijd verder, net als het water.

We beleven contact houden, ook nadat ik niet meer op de ark woonde. Heel veel contact, iedere dag. Er was altijd wel wat te praten, te klagen of te hopen. Net als vroeger. Ik hoorde je aan en ik gaf commentaar want dat waren we gewend van elkaar. We wisten ook van elkaar dat we eigenlijk heel erg eenzaam waren en dat dat een gevoel is dat in je hoofd zit, hoeveel mensen er ook om je heen zijn.

En we stroomden, net als het water, verder en waren nooit ergens thuis.

En nu mijn vriend, heb je besloten dat je niet meer altijd in beweging wilde zijn. In ultieme eenzaamheid heb je besloten dat je rust wilde. Dat je niet meer verder wilde stromen. Ik gun je dat. Ik begrijp het. Je was niet alleen, je voelde je zo alleen. Maar je laat diegenen die je lief hebben met een vol hart achter. Je bent nooit alleen. Zij zullen nooit alleen zijn.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *